Kees Ampt Independent Consultant
Meer voor minder

De normalisatie expert


Normalisatie?

In Nederland spreekt men vaak over standaardisatie en standaards, mogelijk als een vertaling van het Engelse standardization en standards. De vaandrig of cornet liep vroeger met de standaard voor de troepen uit.
Officieel spreken we in Nederland over normalisatie en normen, mogelijk in navolging van het Franse normalisation.

Normalisatie is over het algemeen nog steeds een vrijwillige actie, aanvankelijk vooral opgezet door producenten of leveranciers. Veelal indirect oefent de overheid ook invloed uit door in wettelijke voorschriften naar normen te verwijzen.
Veiligheid en gezondheid worden steeds belangrijker en daarmee de invloed van internationale normen. We hebben nu eenmaal geen gesloten economie.

Door het relatief vrijwillige karakter van normalisatie is er een waar oerwoud van normalisatie organisaties ontstaan. Daarnaast zijn er nog wat men noemt de facto normen, industrienormen [vaak door een (bijna)monopolist voorgeschreven] en officiële normen. In het laatste geval is er soms weer geen overeenstemming wat nu wel of niet officieel is.
De belangrijkste internationale normalisatie organisaties zijn wel de IEC en ISO.
  • The IEC is the world's leading organization that prepares and publishes International Standards for all electrical, electronic and related technologies — collectively known as "electrotechnology".

In veel publicaties of artikelen lees je over de International Standards Organisatie ISO. Daarmee toont de auteur meteen aan nog nooit een ISO-norm te hebben gezien.

  • Because "International Organization for Standardization" would have different acronyms in different languages ("IOS" in English, "OIN" in French for Organisation internationale de normalisation), its founders decided to give it also a short, all-purpose name. They chose "ISO", derived from the Greek isos, meaning "equal". Whatever the country, whatever the language, the short form of the organization's name is always ISO.

In Nederland hebben we NEN.

Er zijn heel wat Indianenverhalen over normalisatie. Volgens sommigen belemmeren ze de vooruitgang. Nieuwe technieken voldoen dan immers niet aan de norm. In de oertijd van de automatisering wilde iedere compilerleverancier [toen meestal de hardwarefabrikant] graag uitbreidingen [extensies] op de norm aanbrengen. Soms waren er ook afwijkingen gebaseerd op de eigen hardware architectuur.

In de jaren zeventig was NOVI hét instituut in Nederland voor de computeropleidingen. Ook voor Fortran werd gesteld dat het examen volgens de officiële norm zou zijn. Als docent voor het NOVI heb ik hele gevechten geleverd met de examencommissie die de opgaven had gebaseerd op de specificaties van de eigen IBM-Fortran. Dan begin je te ontdekken wat de voor- en nadelen van normen (kunnen) zijn. Als chef van de ondersteuningsafdeling voor Technisch-wetenschappelijke projecten bij het Directoraat Automatisering van de toenmalige PTT kreeg je steeds te maken met ontevreden klanten. Ze hadden van iemand anders een programma gekregen en “dat draait niet op die rot UNIVAC computers van jullie.”

Als een van de kleinere spelers op de markt had UNIVAC zich goed aan de internationale norm gehouden. IBM had natuurlijk als de grote speler allerlei eigen afwijkingen. Als je dat eenmaal door had was het aanpassen van de programma’s meestal vrij eenvoudig. Soms zelfs op basis van “klaar terwijl u wacht”, iets waar almachtige automatiseringsafdelingen in die tijd nog nooit van hadden gehoord.

Uitwisselbaarheid is dus duidelijk een voordeel van normalisatie.

Natuurlijk zijn er véél meer voordelen.